Beleggen via bv of in prive?: fiscale video van JAN

sluit de video - terug naar het video overzicht








Camiel Lokkerbol

Fiscale afdeling
Zwanenburg
088 220 2301

stuur Camiel Lokkerbol van JAN een e-mail!

meer informatie over de vraag 'een of meerdere B.V.'s?'

Deel deze video van JAN op LinkedIn Deel deze video van JAN op Facebook Twitter deze video van JAN Email deze video van JAN



accountant en belastingadviseur
website van SRA JAN is lid van  CPA Associates International
Cleanbits duurzaam internet
Cleanbits duurzaam internet
De website van JANŠ is CO2-neutraal omdat JANŠ een duurzaam internet belangrijk vindt.
http://www.cleanbits.net/nl/

















Beleggen via bv of in prive?: fiscale video van JAN

Een DGA met een B.V. waarin niet-ondernemingsgebonden beleggingen aanwezig zijn, staat voor de keuze om door te gaan met beleggen in de B.V. of het vermogen over te hevelen naar privé en daar te beleggen. De vraag is wat fiscaal voordeliger is.

Het komt regelmatig voor dat een B.V., bijvoorbeeld een holding, vermogen bezit dat vrij uitkeerbaar is, niet nodig is voor de onderneming en niet gebonden is door pensioenverplichtingen. Zulke overtollige liquiditeiten worden dan vaak aangewend voor beleggingen op de langere termijn. Dat kunnen effecten zijn, maar ook een depositorekening. Een DGA kan ervoor kiezen om die beleggingen in de B.V. te laten dan wel het vermogen uit de B.V. te halen en het in privé te beleggen.

De fiscale gevolgen van die keuze zijn verschillend:

• De opbrengst van beleggingen in de B.V. wordt belast met vennootschapsbelasting tegen een tarief van 20%-25,5% (2008). Bij uitkering van de netto winst naar privé is aanvullend nog 25% inkomstenbelasting verschuldigd in box 2. De gecombineerde heffing komt uit op ca. 44%.

• Beleggingen in privé worden belast in box 3. De heffing komt uit op 1,2% van de gemiddelde waarde van de beleggingen.

In de meeste gevallen zal de belastingdruk in privé lager uitvallen. Daar staat echter tegenover dat het geld eerst vanuit de B.V. naar privé moet worden gehaald. Dat gaat met belastingheffing gepaard. De vraag is of het voordeliger beleggen in privé opweegt tegen die heffing.

Er zijn twee manieren om de overtollige liquiditeiten in de B.V. naar privé over te hevelen: een dividenduitkering of een lening. Beiden hebben als doel om de heffing van 25% inkomstenbelasting over de toekomstige rendementen te voorkomen.

Een dividenduitkering leidt onmiddellijk tot heffing van 25% inkomstenbelasting. Dit betekent ook dat in privé slechts 75% beschikbaar is voor beleggen, terwijl de B.V. een beleggingspotentieel van 100% had. Verder moet het tijdstip waarop het dividend wordt uitgekeerd zorgvuldig worden gekozen, in verband met de box 3 heffing. Die gaat immers uit van de peildata 1 januari en 31 december.

In plaats van een dividenduitkering is het ook mogelijk om geld van de B.V. te lenen en daarmee de privé-beleggingen te financieren. De rente op die lening is bij de B.V. belast en in privé niet aftrekbaar. Daarom is het verstandig om de rente zo laag mogelijk te houden. De rente moet echter wel zakelijk zijn. Er kan aangesloten worden bij rente op personeelsleningen. Deze normrente bedraagt 5,3% (2008). Om de zakelijkheid van de lening te waarborgen kunnen ook andere voorwaarden worden opgenomen, zoals een aflossingsschema en het stellen van zekerheden. Als het rendement op de beleggingen in privé tegenvalt, moet de rente nog steeds aan de B.V. worden betaald. Dan kan de leningvariant ongunstig uitpakken ten opzichte van de dividendvariant.

Persoonlijk advies
Dit advies geeft JAN© gratis. Uiteraard is het aan te raden dat u zich persoonlijk laat adviseren. De beste oplossing hangt af van verschillende gegevens en factoren, die in iedere situatie anders zijn. JAN© kan uitrekenen wat voordeliger is: beleggen in de bv of in privé. En voor de financiering van het privé-deel kan de optimale weg worden gekozen (lening, dividend, of een combinatie). Uw relatiebeheerder bij JAN© staat u graag te woord als u meer informatie wilt.